De aantrekkingskracht van het junkiebestaan

“Waarom spoot Jan en Alleman zich kapot?” Die kop zette Het Parool 26 januari jl. boven een artikel over mijn huidige onderzoeksproject: een ‘mondelinge geschiedenis’ van de heroïne-epidemie in Nederland. Na 1972 explodeerde hier in het land het gebruik van het verslavende opiaat heroïne, om een piek te bereiken rond 1985. Destijds was ik een puber en las ik met rode oortjes over de ‘verrotte levens’ van heroïnehoertjes als Christiane F. en Floortje Bloem. Mijn oom, een Amsterdamse journalist, leidde me rond over de beruchte Zeedijk. Daar krioelde het van de sjofele ‘junkies’. Er hing een nare en opgefokte sfeer. De snackbars verkochten vooral vanillevla; makkelijk voedsel voor verslaafden met een slecht gebit.

Tegenwoordig is de Zeedijk weer een gewone, gezellige straat. Veel heroïnegebruikers zijn inmiddels overleden aan een overdosis, zelfmoord, verwaarlozing of aids. Heroïne is als drug volkomen passé: jongeren kiezen liever voor het veel minder verslavende middel XTC. Nu het fenomeen over zijn hoogtepunt is, dringt de vraag zich des te meer op: waar kwam dat massale gebruik van heroïne destijds toch vandaan? In Het Parool deed ik een oproep aan (ex-)gebruikers van deze drug om hun herinneringen met mij te delen. Via de verhalen van de ‘overlevenden’ hoop ik beter te leren begrijpen waarom het junkiebestaan destijds zo’n aantrekkingskracht had. Ongeveer vijftig ex-gebruikers meldden zich aan en ook waren er volop steunbetuigingen van hulpverleners, politiemensen en familieleden. Mijn wens om de verhalen van gebruikers op te tekenen nu het nog kan, bleek breed te worden gedeeld.

Angst voor hepatitis C
De reacties maakten ook iets anders duidelijk: onder de overlevenden heerst momenteel veel onrust over de gevolgen van hepatitis C. Deze virusziekte, die wordt overgedragen via bloed/bloed contact, liepen veel mensen op via het delen van injectienaalden of spuitattributen. Landelijk zijn naar schatting bijna 8.000 ooit-injecterende druggebruikers met hepatitis C besmet. (Zie: Nationale Drugsmonitor) Indien onbehandeld kan deze ziekte chronisch worden en leiden tot levercirrose of soms zelfs leverkanker. Ook Christiane F. heeft hepatitis C onder de leden, beschrijft ze in haar autobiografie Christiane F. Mijn tweede leven (2013). Ze is er flink ziek van: ‘cold turkey is er niets bij’ . En onlangs overleed de beroemde tekenaar Peter Pontiac aan levercirrose, ook als gevolg van hepatitis C. Nadat hij al in 1983 al was afgekickt, haalde zijn verslaving hem in 2015 alsnog in. (Volkskrant-interview met Pontiac)

Ook bij een ex-gebruikster die ik enkele weken terug interviewde, waren vlekken op de lever geconstateerd: hoogstwaarschijnlijk kanker. Ik was onder de indruk van de rustige manier waarop ze haar lot accepteerde. Gelegen op haar ziekbed bij het raam vertelde ze me haar levensverhaal, lichamelijk verzwakt maar geestelijk nog zeer levendig. Anderen hebben misschien nog baat bij een nieuw medicijn tegen hepatitis C: Sovaldi. Dit wondermiddel zou de kwaal met een kuur van 8-12 weken kunnen genezen. Voor mensen bij wie de ziekte in een ‘verder gevorderd stadium’ verkeert, wordt dit (dure) medicijn sinds 1 november 2014 vergoed vanuit het basispakket. (Nieuwsbericht rijksoverheid) De rest moet wachten tot nadere onderhandelingen met de fabrikant hebben geleid tot een prijsverlaging.

christiane f christinaeftweedeleven